Veel dieren planten zich voort zonder een mannetje, een proces dat bekend staat als parthenogenese. Hier zijn enkele voorbeelden:
Ongewervelden:
- Bijen: Koninginnen kunnen bevruchte eieren leggen die uitgroeien tot werksters en fuiven, of onbevruchte eieren die uitgroeien tot fuiven.
- Mieren: Sommige mierensoorten hebben koninginnen die aseksueel kunnen reproduceren.
- Luizen: Deze insecten reproduceren aseksueel in de lente en zomer, waarbij ze klonen van zichzelf produceren.
- Roterfjes: Deze microscopische dieren kunnen aseksueel reproduceren via parthenogenese.
- Watervlo's: Deze kleine kreeftachtigen kunnen aseksueel reproduceren, vooral bij gunstige omstandigheden.
- Sommige soorten hagedissen: Enkele soorten hagedissen, zoals de whiptail hagedis, bestaan alleen uit vrouwtjes en reproduceren via parthenogenese.
Gewervelden:
- Komodo varanen: Hoewel ze doorgaans seksueel reproduceren, zijn Komodo varanen in staat tot parthenogenese onder bepaalde omstandigheden.
- Sommige haaien: Sommige haaiensoorten, waaronder hamerhaaien en zebrahaaien, hebben gedocumenteerd parthenogenetisch reproduceren in gevangenschap.
- Sommige slangen: Enkele slangensoorten, zoals de boa constrictor, staan bekend om parthenogenetisch reproduceren.
Het is belangrijk op te merken dat parthenogenese niet hetzelfde is als klonen. Hoewel parthenogenetische nakomelingen genetisch identiek zijn aan hun moeder, hebben ze nog steeds een zekere mate van genetische variatie door recombinatie en mutaties tijdens het ontwikkelingsproces.
Parthenogenese is een fascinerend fenomeen in het dierenrijk, dat de diverse en aanpasbare manieren toont waarop leven zich kan reproduceren.