Huisdieren
De Amerikaanse veehouderij is divers, met productie van vlees, melk, eieren, wol en andere dierlijke producten. Hier is een overzicht van de meest voorkomende veesoorten in het land.
Vleesrassen zoals Angus, Hereford en Charolais worden vooral voor vlees gehouden. Melkrunderen – met name Holstein, Jersey en Guernsey – zijn gefokt voor melkproductie.
Varkens worden voornamelijk voor vleesvarken gehouden, met populaire rassen als Yorkshire, Duroc en Hampshire. Fokstam wordt ook aangethouden om specifieke genetische eigenschappen te behouden en te verbeteren.
Vleeskuikens worden voor vlees gehouden, leghennen produceren eieren. Kalkoenen zijn een ander belangrijk vleesvogelras. Eenden en ganzen worden voor vlees, eieren of veren gehouden, afhankelijk van de bedrijfsvoering.
Schapen worden voor lamsvlees gehouden, met rassen als Suffolk, Hampshire en Rambouillet. Andere, zoals Merino en Romney, worden gewaardeerd voor hun wol.
Vleesgeiten, zoals Boer en Kiko, worden voor vlees gehouden. Melkgeiten, waaronder Saanen en Toggenburg, produceren melk. Wolgeiten als Angora en Cashmere worden gehouden voor mohair en cashmere.
Paarden in de VS vervullen veel doeleinden. Renpaarden worden gefokt voor competitie, werklpaarden helpen bij landbouw en transport, showpaarden worden getoond op wedstrijden, en recreatieve paarden worden gebruikt voor rijden en toertochten.
Alpaca's en lama's worden voor hun vacht gehouden. Konijnen kunnen voor vlees, pels of als huisdier worden gehouden. Bizons worden toenemend voor vlees gehouden. Specialiteitsbedrijven kunnen ook emoes en struisvogels voor vlees en veren, herten voor wildvlees, en elanden voor vlees en gewei omvatten.
Het specifieke vee dat in een regio wordt gehouden, hangt af van lokaal klimaat, marktvraag en boerderijtradities.