Huisdieren
Net als katten wassen fretten zich voortdurend en hoeven ze niet regelmatig gebadderd te worden. Ze hebben natuurlijke oliën in hun huid en vacht die helpen een gladde, gezonde vacht te behouden. Als een fret te weinig vocht en oliën heeft, is de kans groot dat hij droge, schilferige huid ontwikkelt. Deze aandoening kan zeer ongemakkelijk zijn voor uw huisdier. De twee meest voorkomende oorzaken van droge huid zijn een slecht dieet en te vaak baden. Als uw fret droge huid heeft, kunt u de mogelijke oorzaken overwegen en stappen ondernemen om de conditie van uw huisdier te verbeteren.
Controleer de omgeving van de fret op mogelijke oorzaken van droge huid. Als de omgeving van de fret bijzonder droog is (een veelvoorkomend probleem in de wintermaanden), plaats dan een koude-lucht luchtbevochtiger in de kamer van het dier. Dit helpt een gezonde luchtvochtigheid te behouden, zodat uw fret minder snel last krijgt van droge huid.
Gebruik een vettende huidspray om vocht toe te voegen aan de huid en vacht van de fret. Deze zijn vooral nuttig als de lucht erg droog is. Zorg ervoor dat het product veilig is voor fretten en gebruik nooit producten die bedoeld zijn voor mensen, tenzij uw dierenarts dit anders adviseert.
Beoordeel het dieet van uw huisdier om er zeker van te zijn dat hij alle benodigde voedingsstoffen voor een gezonde huid binnenkrijgt. Volgens Veterinarypartner.com bestaat het ideale fretten dieet uit hoogwaardige dierlijke eiwitten en vetten. Te veel koolhydraten, te weinig eiwitten of onvoldoende vetinname kunnen bijdragen aan een slechte huidconditie en verlies van natuurlijke oliën. Als het dieet van uw fret te laag is in vet, overweeg dan om vetzuursupplementen te geven.
Baad uw fret alleen als het echt nodig is met een milde fretten- of kattenshampoo. Fretten wassen zichzelf en u hoeft ze alleen te wassen als ze dat niet efficiënt kunnen doen. Gebruik nooit menselijke shampoos (vooral geen anti-roosshampoos) op een fret.
Houd de conditie van uw huisdier nauwlettend in de gaten en kijk of er veranderingen optreden. Raadpleeg uw dierenarts als de aandoening ernstig wordt en het dier andere symptomen of ongebruikelijk gedrag vertoont.