Huisdieren
Waterdieren hebben verschillende mechanismen ontwikkeld om zuurstof uit water te verkrijgen:
De meeste waterdieren, inclusief vissen, kreeftachtigen en weekdieren, gebruiken kieuwen. Deze gespecialiseerde organen bevatten dunne draden die het oppervlak vergroten voor zuurstofabsorptie. Als water over de kieuwen stroomt, diffundeert zuurstof in de bloedbaan.
Sommige waterdieren, zoals longvissen en bepaalde schildpadden, hebben longen en ademen atmosferische lucht door regelmatig naar de oppervlakte te komen.
Bepaalde amfibieën en waterwormen absorberen zuurstof direct door hun sterk doorbloede huid (cutane ademhaling).
Sommige waterinsecten hebben tracheale kieuwen of snorkelachtige structuren om zuurstof te bereiken terwijl ze ondergedompeld zijn.
Waterdieren gebruiken vaak tegenstroomuitwisseling in kieuwen om zuurstofdiffusie te maximaliseren, hebben een verhoogd kieuwoppervlak of verlagen hun stofwisselingsrate in zuurstofarme omgevingen.
Door gespecialiseerde ademhalingsstructuren, efficiënte zuurstofuitwisseling en energiebesparende aanpassingen halen waterdieren zuurstof uit water en gedijen ze in hun ecosystemen.