De huia, een inheemse vogel van Nieuw-Zeeland, is uitgestorven door een combinatie van factoren:
- Overmatige jacht en verzameling: De Māori jagden de huia voor zijn gewaardeerde veren die werden gebruikt in sieraden en ceremonies. Europese kolonisten jagden ze ook voor veren en wetenschappelijke exemplaren.
- Habitatverlies: Uitgebreide houtkap, landbouw en vestiging ruimden en fragmenteerden het leefgebied van de huia, waardoor voedselbronnen en nestplaatsen afnamen.
- Predatie: Geïntroduceerde roofdieren zoals ratten, hermelijnen en katten prooiden op eieren, kuikens en volwassen vogels.
- Lage reproductiesnelheid: Huia produceerde slechts één tot twee eieren per broedseizoen, waardoor populatieherstel moeilijk was.
- Menselijke verstoring: Houtkap, vestiging en toerisme verstoorden broed- en voedingsgedrag.
- Beperkte genetische diversiteit: Lage genetische variatie maakte de soort kwetsbaarder voor bloedveroudering en ziekte.