Fysieke kenmerken
- Lichaam: Lang en slank met een licht afgeplatte vorm
- Grootte: Meestal 10 tot 15 centimeter lang
- Kleuring: Variabel en vaak afhankelijk van de specifieke soort en habitat, maar doorgaans levendige kleuren en patronen, waaronder schakeringen van rood, oranje, geel, blauw en groen
- Hoofd: Groot en kenmerkend, met een uitstekende snuit en een grote mond
- Ogen: Prominent en hoog op het hoofd geplaatst voor een wijd zichtsveld
- Tanden: Scherp en prominent, gebruikt om prooi te vangen en vasthouden
- Vinnen: Lang en delicaten, met een continue rugvin en een afgeronde staartvin
- Schubben: Klein en glad, het lichaam bedekkend
- Kiemdeksel: Heeft vaak een prominente flap of doorn
- Bartels: Sommige soorten kunnen bartels of draadjes bij hun mond of neusgaten hebben
Habitat en gedrag
Langsnuitkievitvissen zijn zeevissen die in tropische en subtropische wateren over de hele wereld voorkomen. Ze bewonen doorgaans koraalriffen en rotsgebieden nabij de oceaanbodem, waar ze zich kunnen camoufleren. Deze vissen zijn bekend om hun wachtgedrag, waarbij ze regelloos op een uitkijkpunt, zoals een koraalkop of rots, wachten en vervolgens snel uitschieten om prooi te vangen. Ze voeden zich voornamelijk van kleine schaaldieren, vissen en andere ongewervelden. Kievitvissen zijn niet territoriaal, maar elk individu heeft een specifiek gebied of "uitkijkpunt" waar ze jagen. Ze zijn doorgaans niet agressief tegenover andere vissen, maar kunnen hun uitkijkpunt verdedigen als ze zich bedreigd voelen.