Wolfspinnen in Pennsylvania: herkenning en gedrag
Veel spinensoorten in PA, wolfspinnen meest gezien. Twee hoofdsoorten, makkelijk te identificeren. In tuinen en huizen.
Algemeen
- 13 wolfspinsoorten in VS. Geslacht Hogna bevat meest waarschijnlijke PA-soorten.
- Meest voorkomend: H. carolinensis en H. aspersa (grootste, meest voorkomend).
Uiterlijk
- H. carolinensis: Vrouwtjes 22-35 mm, mannetjes 18-20 mm. Donkerbruin, verspreide grijze haren (geen patroon). Poten: eentonige kleur. Donkere dorsale streep op achterlijf.
- H. aspersa: Vrouwtjes 18-25 mm, mannetjes 16-18 mm. Vergelijkbare bruine kleur. Geel haarlijn op bovenste achterlijf bij ogen. Vrouwtjes veel donkerder dan mannetjes.
Habitat en reproductie
- Alle PA wolfspinnen: tunnels in grond, onder stenen, tussen planken, houthopen, onder bekleding – goede bescherming.
- Jachtspinnen: alleen nachts actief.
- Mei/juni: eizakken. Juni/juli: uitkomen. Zomer: moeders met baby's op rug.
Medische relevantie
- Beet bij oppakken/ingeklemd. Gift: niet giftig/schadelijk voor mens. Goed: grote grootte + potent gif = gevaarlijk zou zijn.
- Symptomen: initiële pijn, rode vlek. Geen ernstige medische reacties gerapporteerd in PA.
Tips
- Wolfspinnen zijn nuttige insectenjagers.
- Bij binnenkomst: met glas en papiertje naar buiten brengen.
- Voorkom binnenkomst: kieren dichten, onkruiden bij huis verwijderen.
- Nooit met blote handen vangen – beet is pijnlijk.
Wolfspinnen zijn indrukwekkende maar onschuldige bewoners van Pennsylvania's tuinen en huizen.