Ötzi, de Ijsman, jaagde op een verscheidenheid aan dieren, voornamelijk voor voedsel en kleding. Enkele van de dieren die hij jaagde zijn:
- Edelhert: Dit was waarschijnlijk zijn meest voorkomende prooi.
- Steenbok: Een soort berggeit, gejaagd voor vlees en misschien wol.
- Gems: Een andere berggeit, gejaagd voor vlees en leer.
- Ree: Een kleinere hertssoort, gejaagd voor vlees en huid.
- Wild Zwijn: Een groot varkenssoort, gejaagd voor vlees en slagtanden.
- Bruine Beer: Een gevaarlijke roofdier, maar potentieel gejaagd voor pels en vlees.
- Vogels: Verschillende vogels, waarschijnlijk gejaagd voor veren en vlees.
Hij jaagde waarschijnlijk ook op kleinere dieren voor voedsel, zoals konijnen, hazen, en vogels. Bewijs van zijn jachtactiviteiten kan worden gevonden in de gereedschappen en wapens die met hem ontdekt zijn, waaronder:
- Boog en pijlen: Gebruikt voor jacht op grotere dieren op afstand.
- Steentoppen zaren: Gebruikt voor jacht op grotere dieren op korte afstand.
- Vuursteen messen: Gebruikt voor ontharen en onthuiden van dieren.
Het is belangrijk om te noteren dat Ötzi's jachtactiviteiten essentieel waren voor zijn overleving in de harde alpine omgeving die hij bewoonde.