Huisdieren
De pupil is een opening in het midden van de regenboogvlies. Pupillen vergroten en verkleinen om de hoeveelheid licht te regelen. Ze vergroten in het donker, zijn klein in helder licht. Kleine pupillen = zelfvertrouwen, grote pupillen = angst/stress. Als de pupillen van een hond geïldilateerd blijven ongeacht het licht, kan er een medisch probleem zijn.
Geïldilateerde pupillen kunnen wijzen op vergiftiging door giftige planten (nachtschade, scheerling) of stoffen (chocolade, cafeïne, alcohol). Ook glaucoma (verhoogde oogdruk, wazige hoornvlies, vervaagd gezicht) of progressieve retina-atrofie (PRA, erfelijke ziekte die tot blindheid leidt) kunnen de oorzaak zijn.
Diagnose: andere symptomen monitoren, geschiedenis bekijken, verkeersongeval of giftinname controleren. Extra symptomen: lusteloosheid, pijn, geïrriteerde ogen, overmatig traan, wazige ogen, slecht gezicht, overgeven, verwarring, snel ondiep ademen, convulsies. PRA geeft geen pijn. Bij elke oogafwijking: dierenarts of dieren-oogarts (specialist).
Afhankelijk van diagnose. Vergiftiging/shock: dierenarts doet overgeven of geeft geactiveerd koolstof en IV-vloeistoffen. Glaucoma: chirurgie of medicatie. PRA: vroege staarcataractchirurgie kan helpen. Honden met PRA mogen niet gefokt worden (erfelijkheidsrisico).
Sommige oogproblemen (infecties) voorkomen door ogen en omgeving schoon te houden. Neem oogreiniging op in verzorging. Wis vuil/afval rond ogen, gebruik oogwassing of fysiologische zoutoplossing. Raadpleeg dierenarts bij roodheid, oogafscheiding of als de hond aan de ogen krabbelt.