Huisdieren
Het vaccineren van honden en katten is al lang een onderwerp van discussie. Veel dierenartsen beschouwen routinevaccinaties voor huisdieren als cruciaal voor een goede gezondheid op lange termijn. Andere dierenartsen menen dat vaccinaties juist de ziekten en chronische aandoeningen kunnen veroorzaken die ze proberen te voorkomen. Hoewel er onderzoek is dat beide kanten van het debat ondersteunt, is het uiteindelijk aan de huisdier eigenaar om te beslissen.
Sommige dierenartsen beweren dat het vaccineren van huisdieren de immuunrespons van het lichaam op ziekten juist kan verzwakken. Deze artsen geloven dat in plaats van het immuunsysteem van het lichaam te versterken, meerdere vaccinaties tot chronische problemen kunnen leiden. Enkele van de gezondheidsproblemen die met vaccinaties in verband worden gebracht, zijn degeneratieve gewrichtsziekte, immuun-gemedieerde ziekten en kankerachtige groeien op de injectieplaatsen. Bovendien beweren dierenartsen aan deze kant van het debat dat farmaceutische bedrijven vaccins op de medische gemeenschap drukken om simpelweg meer product te verkopen. Dierenartsen die niet vaccineren zeggen dat veel huisdieren overvaccineerd worden omdat ze injecties krijgen voor ziekten die ze waarschijnlijk nooit zullen tegenkomen.
Een andere reden waarom sommige dierenartsen dieren geen vaccinaties willen geven, is het risico op het uitlokken van een aanval. Vaak is de aanval een allergische reactie op het vaccin. De aanval kan beginnen met zwelling op de injectieplaats, en vervolgens overgaan in moeilijke ademhaling, gezichtszwelling en ademhalingsnood. Dit is vaak een anafylactische shock, dezelfde aandoening die bijensteken en voedingsmiddelen zoals pinda's en schaaldieren bij sommige mensen veroorzaken. Als de huisdier eigenaar er niet is om het dier naar de dierenarts te brengen wanneer de symptomen beginnen, kan het dier sterven.
De meeste dierenartsen vaccineren hun patiënten. Ze geloven doorgaans dat de positieve aspecten van vaccinaties opwegen tegen de mogelijke gevaren. Vaccinaties zijn ontworpen om bescherming te bieden tegen ziekten die vaak dodelijk zijn, zoals hondsdolheid, hondenziekte, parvovirose en ziekte van Lyme. Door het dier bloot te stellen aan kleine hoeveelheden de ziekte tijdens vaccinatie, bouwt het bescherming op.