Huisdieren
Van alle huisdieren is de prevalentie van borstkanker bij honden verreweg de hoogste. Teefjes zijn drie keer zo geneigd om een tumor van de borstklier te ontwikkelen dan menselijke vrouwen. De incidentie van maligniteit is uitzonderlijk hoog bij hondenborsttumoren. Bijna 50 procent van de gediagnosticeerde tumoren zal maligne kanker zijn, volgens het Merck Veterinary Manual.
De normale leeftijd voor het ontstaan van carcinogene borsttumoren ligt tussen de 10 en 11 jaar, volgens de Ohio State University College of Veterinary Medicine. Een sterke indicator voor toekomstige ontwikkeling van een borstmaligniteit is als de hond voor het eerste levensjaar een hoog-vet dieet kreeg en niet gesteriliseerd is. Overgewichtige honden lijken ook een verhoogd risico te lopen.
Grote maligne borsttumoren bevatten een hoog risico op verspreiding naar andere lichaamsdelen. Bij honden is het eerste gebied van metastasering normaal de omringende lymfeklieren. Op dit moment zullen 5 tot 10 procent van de borsttumoren uitgroeien tot skeletmetastasen. Vroege detectie is van vitaal belang voor succesvolle behandeling. Regelmatig controleren van de borstklieren van de hond op harde knopen of andere afwijkingen kan het risico op verspreiding verminderen als de kanker vroeg wordt opgespoord.
Er lijkt een direct verband te bestaan tussen hormonen en borsttumoren bij honden. Hoe meer hittecycli een hond doormaakt voordat ze gesteriliseerd wordt, hoe groter het risico. Zowel borstweefsel als goedaardige tumoren in de borstproduceren een combinatie van oestrogeen- en progesteronreceptoren. Het lijkt erop dat minder dan 50 procent van de kankerachtige borsttumoren de hormonen produceren, wat erop wijst dat op een gegeven moment tijdens de overgang van goedaardig naar kwaadaardig de tumor minder afhankelijk wordt van hormonen, volgens de University of Georgia College of Veterinary Medicine.
Enkele rassen lijken een genetische predispositie te hebben voor het ontwikkelen van borstkanker. De poedel, spaniels en dachshonden hebben een hogere incidentie van maligne tumoren. Minder dan 1 procent van alle gediagnosticeerde maligniteiten treedt op bij reudjes. Wanneer dit zeldzame geval zich voordoet, lijdt de reu normaal aan een hormonale onbalans en heeft een oestrogeen-afscheidende testistumor naast een borsttumor.
Op dit moment is de standaardbehandeling voor maligne borsttumoren complete resectie van de massa en verwijdering van eventuele lymfeklieren die betrokken zijn. Chemotherapie na operatie wordt door veel dierenartsen gebruikt, maar de efficiëntie blijft onbekend. De geaccepteerde medicijnen zijn carboplatine, doxorubicine en gemcitabine. Prognose hangt af van de factoren tumor grootte, metastasen en tumor type.