Huisdieren
Met je hond op de lijn wandelen moet een genot zijn voor jullie beiden. Het mag geen trekken, krachtmeting, inspringen of tegen de lijn aan lopen worden. De sleutel tot een plezierige wandeling is een goede lijn-training. Dit begint met het leren van basisgehoorzaamheid. Zodra deze vaardigheden onder de knie zijn, kun je je hond leren op de juiste manier op de lijn te lopen.
Bevestig een lichte lijn aan het halsband van je hond, als je de lijn voor het eerst introduceert.
Laat de lijn vallen en laat de hond hem een paar minuten in huis achter zich aan slepen. Laat de lijn niet bevestigd als je niet thuis bent om toe te zien.
Herhaal dit proces meermals per dag gedurende een paar dagen tot de hond comfortabel is met de lijn aan zijn halsband.
Leer je hond "zit". Houd een brokje boven de neus van je hond zodat zijn neus omhoog wijst. Beweeg het brokje achteruit tot de hond in een natuurlijke zitpositie komt. Zodra zijn billen de vloer raken, zeg "zit" en geef hem het brokje. Herhaal dit in korte sessies elke dag tot de hond weet wat verwacht wordt wanneer je "zit" zegt.
Leer je hond "blijf". Zeg tegen de hond "zit". Vervolgens zeg je "blijf". Houd je hand op, met je handpalm naar de hond gericht, tegelijkertijd met het zeggen van "blijf". Ga een paar stappen van de hond af en loop dan naar hem toe en geef hem het brokje. Vergroot de afstand en de tijd dat je weg bent over meerdere trainingsessies gedurende enkele dagen.
Zeg tegen de hond "zit" en "blijf" en bevestig vervolgens zijn lijn. Als de hond opgewonden raakt of opstaat voordat je hem vrijgeeft, wacht tot hij rustig in de "zit/blijf" blijft om de lijn te bevestigen.
Loop met de hond. Als hij trekt of inspringt, sta stil. Beweeg niet en zeg "zit/blijf". Zodra hij kalm is, ga verder met de wandeling. In het begin zal de wandeling langzaam gaan en je zal misschien niet veel afstand afleggen. Het is echter essentieel dat je stopt met lopen elke keer dat hij tegen de lijn antrekt.