Dieren, waaronder zoogdieren, vogels, vissen, reptielen en amfibieën, hebben wel organen die vergelijkbaar zijn met die bij mensen. Hoewel structuur, functie en complexiteit variëren tussen soorten, omvatten de primaire orgaansystemen bij dieren:
- Verteringssysteem: Mond, slokdarm, maag, darmen, lever en alvleesklier.
- Ademhalingssysteem: Longen, kieuwen bij waterdieren, of andere structuren voor gasuitwisseling.
- Bloedsomloop: Hart, bloedvaten en soms lymfevaten.
- Zenuwstelsel: Hersenen, ruggenmerg en zenuwen.
- Uitscheidingssysteem: Nieren en blaas.
- Endocriensysteem: Hypofyse, schildklier en bijnieren.
- Voortplantingssysteem: Eierstokken, baarmoeder, testikels en voortplantingsbuizen (variëert per soort).
- Spierstelsel: Spieren, pezen en banden.
- Skeletstelsel: Botten, kraakbeen of andere ondersteunende structuren.
- Huidstelsel: Huid, haar, veren, schubben of vacht.
Specifieke organen variëren per taxonomische groep, waarbij sommige soorten gespecialiseerde aanpassingen hebben. Hoewel er overeenkomsten bestaan tussen menselijke en dierlijke organen, kunnen er aanzienlijke verschillen in functie en complexiteit optreden op basis van evolutionaire aanpassingen.