Huisdieren
Ooglinsen breken en fokussen licht op het netvlies in de achterkant van het oog. De normale lens in het oog van een kat is helder. Wanneer de lens wazig wordt, is een cataract gevormd en kan het zicht geblokkeerd worden. Er zijn veel oorzaken voor cataract bij katten, en de behandeling is gericht op de onderliggende oorzaak.
Katten die cataract ontwikkelen, neigen ertoe tegen voorwerpen te botsen en te aarzelen voor het klimmen van trappen of springen op meubels. Ogen kunnen rood en geïgniteerd raken of een wazige witte, grijze of blauwachtige kleur aannemen. Katten die cataract ontwikkelen, kunnen knijpen en zich ongemakkelijk voelen in onbekende omgevingen.
De hoofdoorzaak van cataract bij katten is geïgniteerd weefsel rond en achter de pupil van het oog, genaamd anterieure uveïtis. Dit ontwikkelt zich meestal uit een ziekte zoals kattenleukemie, diabetes, nierziektes of virussen. Oogschade door een schram of doorstek kan een cataract laten vormen in het gewonde gebied. Blootstelling aan giftige stoffen of niet de juiste voeding krijgen tijdens de oogontwikkeling kan cataract veroorzaken. Andere oorzaken: ouderdom, lensverplaatsing, netvliesaandoening, erfelijkheid, stralingstherapie, stoofwisselingsziekte en electrocutie.
Een dierenarts moet een anamnese maken, een lichamelijk onderzoek uitvoeren en een compleet oogonderzoek doen dat een echografie kan omvatten. Bloedtests worden afgenomen om onderliggende oorzaken te vinden. Als het netvlies geblokkeerd is, kan de dierenarts de netvliesfunctie testen met een electroretinogram. Dierenartsen kunnen een kat doorverwijzen naar een dierenartsoogheelkundige.
Er is geen medische behandeling om cataract om te keren, te verkleinen of te voorkomen. Dierenartsen kunnen alleen de onderliggende oorzaken behandelen, zoals het behandelen van ontsteking in het oog met antibiotica of anti-inflammatoire medicatie. Als er geen ontsteking in het oog is, kunnen sommige cataracten chirurgisch verwijderd worden.
Een onderliggende ziekte moet onmiddellijk behandeld worden voordat het meer schade of zelfs de dood veroorzaakt. Katten tussen de 3 en 18 jaar hebben een 90 procent kans om hun zicht met chirurgie te herstellen. Na de chirurgie moet uw kat een beschermingshalsband dragen tot het genezen is, en moet u meermaals per dag druppels in het oog doen.