De verteller in Edgar Allan Poe's "De Zwarte Kat" bouwt op naar het moment dat hij de kat doodt om verschillende redenen:
- Om een afglijding in waanzin te etablisseren: De escalerende wreedheid van de verteller tegenover de kat toont een geleidelijke verlies van controle en een afglijding in een donkere, geweldadigere geeststoestand.
- Om de contrast te benadrukken tussen de initiële liefde van de verteller voor de kat en zijn latere haat: De initiële tendresse dient om de schokkende en verstorende aard van zijn latere daden te benadrukken.
- Om spanning en voortekening te creëren: De groeiende obsessie van de verteller met de kat bouwt spanning op en voorteken de onvermijdelijke daad van geweld.
- Om de aard van schuld en berouw te verkennen: De opbouw stelt de verteller in staat om zijn interne worsteling met schuld na de daad te detaileren.
In essentie dient de opbouw om een psychologisch portret te schetsen van een man gedreven tot waanzin door zijn eigen donkere impuls. De daad van het doden van de kat wordt de culminatie van deze afglijding.
Met betrekking tot katten