Huisdieren
Het aantal kittens dat een kat krijgt, hangt niet direct af van hoe vaak ze geïnsemineerd wordt.
Katten zijn geïnduceerde ovulatoren, wat betekent dat dekking de afgifte van eicellen triggert. Een vrouwtje kan meerdere eicellen vrijgeven – doorgaans 2 tot 6 – in één cyclus. Elk ei kan bevrucht worden, wat resulteert in een kitten.
Daarom hangt de worpgrootte af van hoeveel eicellen worden vrijgegeven en succesvol bevrucht, niet van hoe vaak ze paart.
Meerdere dekkingen in een korte periode kunnen de kans op het vrijgeven van meer eicellen vergroten. Vruchtbaarheid van de kater, genetica en timing beïnvloeden ook de uitkomst.
Kortom, terwijl herhaalde dekking de ovulatie kan beïnvloeden, wordt het uiteindelijke aantal kittens bepaald door bevruchting, niet door het aantal inseminaties.