Huisdieren
Het leefgebied van een olifant varieert per soort en locatie, maar omvat over het algemeen verschillende sleutelcomponenten die hun overleving ondersteunen.
Olifanten zijn afhankelijk van bomen voor schaduw, voedsel en beschutting, waarbij ze vaak schors afstrippen en takken naar beneden trekken met hun slurven. Grassen bieden essentiële voeding voor grazend, terwijl vruchten en zaden dienen als belangrijke voedingssupplementen. Toegang tot water voor drinken en baden is cruciaal.
Afrikaanse olifanten geven de voorkeur aan open savannes en graslanden waar ze vrij kunnen rondzwerven. Aziatische olifanten zijn meer aangepast aan beboste omgevingen, maar kunnen ook worden aangetroffen in open gebieden. Rivieren, meren en modderpoelen zijn belangrijk voor drinken, baden en het beschermen van de huid tegen insecten en parasieten.
Olifanten leven in kuddes geleid door een matriarch, wat veiligheid en ondersteuning biedt, vooral voor jonge olifanten.
Olifanten bezoeken mineraallekken en zoutlekken om essentiële voedingsstoffen op te nemen.
Olifantenleefgebieden krimpen vanwege ontbossing, landbouwuitbreiding en verstedelijking. Mens-wild conflict en klimaatverandering beïnvloeden hun omgevingen verder. Natuurbeschermingsinspanningen, waaronder beschermde gebieden, maatregelen tegen stropen en gemeenschapsgebaseerde natuurbescherming, zijn essentieel voor hun lange termijn overleving.