Huisdieren
4 soorten: Atlantische papegaaiduiker (gewone, kleinst, blauw driehoek snavel), Hoornpapegaaiduiker (gele snavel oranje tip, hoorn boven ogen), Kuifpapegaaiduiker (grootst, bruine kuif broedtijd), Zeekoet (bruin, minder diepe snavel, knop). 60% broedt op IJsland.
Hoofdvoedsel: koude-water oceaanvis: haring, heek, zandspiering, lodde. Duiken tot 60 m. Korte krachtige vleugels = onderwater 'vliegen'. Poten = roer. Tot 10 vissen per duik in snavel. Prikkels in bovenkaak houden vis vast. Variatie per soort/locatie: ook schelpdieren, weekdieren, inktvis. Jongens: ouders voeden vis (keeren per dag).
19e/20e eeuw: jacht (eieren, veren, vlees) → daling. Nog jacht op IJsland/Faeröer. Elders beschermd. Indicator voor visbestanden/zeeg gezondheid.