Zeearenden gebruiken verschillende fysiologische en gedragsaanpassingen om hun waterbalans te handhaven:
- Zeedrinken: Ze kunnen zeewater drinken en overtollig zout uitscheiden via gespecialiseerde klieren, terwijl ze zoet water vasthouden.
- Vochtrijk prooidier eten: Vissen, hun primaire voedsel, bevatten een hoog watergehalte.
- Ademhalingswaterverlies verminderen: Gespecialiseerde luchtzakken en ademhalingspatronen helpen waterverlies te minimaliseren.
- Water besparen via uitwerping: Efficiënte nieren produceren geconcentreerde urine om water vast te houden.
- Hijgen: Helpt bij het reguleren van de lichaamstemperatuur en het afgeven van overtollige hitte en vocht.
- Osmoregulatie: Gespecialiseerde mechanismen reguleren de oplosmiddelconcentratie in lichaamsvloeistoffen.
- Gedragsaanpassingen: Zich neerzetten nabij water of drinken uit plassen en beken helpt hen toegang te krijgen tot zoet water.