Dieren die zich voeden met dode dieren heten aaseters. Hier zijn enkele voorbeelden:
Vogels:
- Gieren: Dit zijn de meest bekende aaseters. Ze hebben sterke snavels en maagen die zacht vlees en botten kunnen afbreken.
- Kraaien en raven: Deze vogels zijn opportunistische eters en zullen aas eten wanneer beschikbaar.
- Kea: Deze papegaaien uit Nieuw-Zeeland zijn bekend om hun aasetergedrag, vooral bij schaapskadavers.
Zoogdieren:
- Hyena's: Deze sociale vleeseters zijn extreem efficiënte aaseters en stelen vaak prooi van andere roofdieren.
- Coyotes: Deze opportunistische alleseters zullen aas eten, vooral in stedelijke gebieden.
- Vossen: Zowel rode vossen als grijze vossen zijn bekend om aas te eten, vooral in gebieden met beperkte prooi.
- Beren: Sommige berensoorten, zoals zwarte beren, zijn alleseters en zullen aas eten wanneer voedsel schaars is.
- Knaagdieren: Ratten en muizen worden vaak gezien aas te eten van restjes en dode dieren.
Insecten:
- Vleesvliegen: Deze vliegen worden aangetrokken door dode dieren en leggen hun eieren op het kadaver. De larven (made) voeden zich vervolgens met het vlees.
- Kevers: Veel keversoorten, zoals aaskevers, zijn aaseters en eten dode dieren.
Overige dieren:
- Krabben: Sommige krabben zijn opportunistische aaseters en eten dode vissen en ander zeeleven.
- Slakken: Sommige slakken zijn aaseters en eten afstervende planten- en diermaterie.
Het is belangrijk om te noteren dat sommige dieren primair aaseters zijn, terwijl anderen meer opportunistisch zijn en alleen aas eten wanneer andere voedselbronnen beperkt zijn.