Huisdieren
Veiligheid in getallen: Grote groepen kunnen predatoren afschrikken omdat het risico op letsel of overweldigd worden hoger is.
Coöperatieve verdediging: Groepsleden kunnen gevaren detecteren, anderen waarschuwen en samen verdedigen, zoals bij suricaten met wachtsystemen.
Verbeterd foerageren: Groepen profiteren van collectieve kennis bij het vinden van voedsel of het identificeren van gevaren, zoals olifanten die waterbronnen onthouden.
Meer paarkansen: Grotere groepen bieden meer potentiële partners en kunnen competitie verminderen.
Gedeelde hulpbronnen: Gemeenschappelijke slaapplaatsen, nestgebieden en voedselvoorraden verminderen individueel energieverbruik en risico.
Sociaal leren: Oudere individuen geven kennis en vaardigheden door aan jongere, wat overleving bevordert.
Verbeterde communicatie: Complexe communicatiesystemen coördineren acties en onderhouden sociale banden.
Niet alle dieren hebben baat bij grote groepen; optimale groepsgrootte hangt af van ecologische niche, levensstijl, habitat en evolutiegeschiedenis.