Voedingsstrategieën Van Schimmels
Schimmels zijn heterotrofe organismen: ze moeten organische verbindingen van andere organismen verkrijgen. Ze bezitten geen chloroplasten en kunnen niet fotoynthetiseren, dus ze zijn afhankelijk van planten en dieren voor energie.
- Saprobe schimmels (saprofyten): Afbrekers van dode/afgestorven organische materie: bladverlies, gevallen bomen, dode dierenweefsels. Cruciaal voor nutriëntenkringloop.
- Parasitaire schimmels: Verkrijgen nutriënten van levende gastheerders (planten, dieren, mensen) – soms ziekteverwekkend (bijv. schimmelachtige ziekten, voetschimmel, Candida).
- Mycorrhiza-schimmels: Wederzijdse symbionten met plantenwortels. Schimmel levert water/mineralen (fosfaat), plant levert koolhydraten (fotosynthese product). >90% van landplanten heeft deze relatie.
- Endofytische schimmels: Leven *in* levende plantenweefsels zonder schade. Voordelen: ziekteresistentie, alkaloïdenproductie (bescherming tegen herbivoren).
Ecologische interacties zijn fundamenteel voor bodemvruchtbaarheid, plantengroei, en ecosystemen.
Met betrekking tot boerderijdieren