Huisdieren
Dolfijnen leven in sociale groepen genaamd scholen, die kunnen variëren van een paar individuen tot meer dan honderd. De grootte van de school hangt af van de soort, omgeving en voedselbeschikbaarheid.
Dolfijnen komen voor in alle oceanen, maar zijn het meest voorkomend in tropische en subtropische wateren. Ze geven de voorkeur aan warme, ondiepe kustgebieden en estuaria, hoewel sommige soorten, zoals de tulpdolfijn, ook open oceaanwateren bewonen.
Dolfijnen onderhouden een leefgebied dat regelmatig wordt gebruikt voor voedsel zoeken, broeden en socialiseren. De grootte varieert per soort en omgeving, van een paar vierkante kilometers tot honderden.
Dolfijnen bouwen geen nesten, maar ze hebben wel voorkeursrustgebieden. Dit kunnen ondiepe wateren nabij de kust, diepere offshore wateren of natuurlijke structuren zoals grotten en koraalriffen zijn.
Dolfijnen broeden in warme tropische en subtropische wateren. Vrouwtjes krijgen doorgaans een enkel kalf na een draagtijd van ongeveer twaalf maanden. Kalveren worden staart-voorop geboren en kunnen onmiddellijk zwemmen, opgevoed door hun moeders en andere schoolleden.
Sommige soorten migreren lange afstanden om voedsel en broedgebieden te vinden, waarbij ze honderden of duizenden kilometers afleggen. Andere blijven het hele jaar door in hetzelfde gebied.