Huisdieren
Om te bepalen of een primaat tweevoetig is, onderzoeken wetenschappers verschillende kenmerken:
Tweevoetige primaten hebben een breed, komvormig bekken dat stabiele steun voor de ruggenmerg biedt.
Relatief lange dijkbotten maken een uitgebreide stap en efficiënte rechtop wandeling mogelijk.
De voeten zijn aangepast aan gewichtsdragend vermogen, met een goed ontwikkelde grote teen uitgelijnd met de andere tenen voor balans en grip.
Een uitgesproken lendenkromming helpt het bovenlichaam te balanceren tijdens rechtop beweging.
Armen kunnen korter zijn ten opzichte van de benen, met handen gespecialiseerd in grijpen en gereedschapgebruik.
Tweevoetige primaten lopen met periodes van eenbeensteun, een rechtop houding en armen voor balans.
Tweevoetigheid kan energie-efficiënter zijn dan viervoetige beweging in bepaalde omgevingen.
Door deze anatomische en gedragskenmerken te onderzoeken, kunnen wetenschappers bepalen of een primaat tweevoetig is of tweevoetige neigingen vertoont.