Huisdieren
De vogelbekdier (platypus), ondanks zijn ongewone uiterlijk, is onmiskenbaar een zoogdier dankzij een aantal sleutelkenmerken:
Hoewel vogelbekdieren geen externe tepels hebben, bezitten ze melkklieren en produceren ze melk om hun jongen te voeden. Dit is een definitief kenmerk van zoogdieren.
Vogelbekdieren zijn bedekt met een dichte, waterdichte vacht, wat een ander kenmerk van zoogdieren is.
Net als alle zoogdieren hebben vogelbekdieren drie middenoorbeenderen (hamer, anker, riemer) die helpen trillingen van geluid over te dragen.
Vogelbekdieren zijn warmbloedig, ze handhaven een constante lichaamstemperatuur, een ander kenmerk dat zoogdieren delen.
Vogelbekdieren zijn monotremes – ze leggen eieren maar produceren melk voor hun jongen. Deze combinatie van eierleggen en melkproductie is uniek onder zoogdieren.
Vogelbekdieren hebben een middenrif, een spier die ademhaling ondersteunt, een kenmerk dat gemeenschappelijk is bij zoogdieren.
Ze hebben een vierkamerig hart, een ander gedeeld kenmerk van zoogdieren.
Als andere zoogdieren hebben vogelbekdieren een enkel bot in hun onderkaak, wat een uniek kenmerk is.
Vogelbekdieren bezitten haarfollikels, die de vacht produceren die hun lichamen bedekt.
Hoewel de vogelbekdier unieke aanpassingen vertoont, zoals eierleggen en een eend-achtige bek, tonen deze sleutelkenmerken zijn classificatie als zoogdier aan.