Huisdieren
Flamingo's zijn bekend om hun lange poten en levendige kleur. De kleur van hun poten, snabels, gezichten en veren – variërend van roze tot oranje – wordt volledig bepaald door hun dieet.
Genetica draagt niet bij aan de heldere kleur. Een pasgeboren flamingo is wit tot grijs.
Flamingo's eten voornamelijk algen en kreeftachtigen. Beiden zijn rijk aan carotenoïden, het pigment dat ook in wortels zit. Hoe hoger het carotenoïdengehalte in het dieet, hoe levendiger de kleur.
Het bêta-caroteen in blauwgroene algen en kleine kreeftachtigen wordt afgebroken in de lever en opgeslagen in de huid en veren. Daalt het carotenoïdengehalte, dan verliest de vogel zijn kleur na de verenwisseling.
In de natuur bepaalt de kleur de aantrekkelijkheid als partner. Flamingo's zoeken een partner met levendigere kleur, want bleek, wit of grijze veren wijzen op ondervoeding.