Huisdieren
Schimmels, geen wormen. Hoofdsoorten: Microsporum canis (meest bij katten), M. gypseum, Trichophyton mentagrophytes. Risicofactoren: jong, langhaar (Himalaya, Perzijns), stress (asiel/kattery), immuonderdrukking (FeLV/FIV), slechte voeding. Overdracht: direct contact of spores via borstels/schermes/bakken.
Ronde, korstige, schilferende letsels + haaruitval. Intensieve jeuk (tot wonden) OF geen jeuk. Alopecia (rond/ovaal). Huidverdonkering/roodheid. Jonge katten: jeukende zwarte kopjes op kin → geïnfecteerd door krabbelen.
Zelflimiterend, maar medicatie versnelt genezing.
Besmettelijk voor mens (kinderen, ouderen, immuongecompromitteerden). Humane letsels: ronde, verhoogde, korstige rand, haaruitval. Meestal éénkeer besmetting → immuniteit. Milieudecontaminatie: stofzuigen, stoom, bleekmiddel, filters vervangen, airco/verwarming schoonmaken.
Langdurige behandeling (maanden), vooral bij langharige rassen. Consistentie cruciaal.