Huisdieren
Er wordt veel onderzoek gedaan naar de domestisering van de beste vriend van de mens, de hond, die met de mens een zeer succesvolle biologische strategie aanging. Terwijl de voorouder van de hond, de wolf, bescherming nodig heeft tegen uitsterving, zijn er wereldwijd bijna 400 miljoen honden. Hoewel niemand precies weet hoe honden zich uit wolven hebben ontwikkeld, zijn er verschillende theorieën die de band tussen twee van 's werelds meest succesvolle soorten verklaren.
De voordelen van een mens-wolf samenwerking zijn duidelijk: beide jaagden op dieren die veel groter waren dan zijzelf, in kleine groepen. Mensen hadden het voordeel van gereedschappen, wolven van snelheid en instinct. Het was een goede combinatie die beiden goed heeft gedient. Nog steeds helpen honden mensen, of het nu is bij de jacht, het beschermen van vee of het huis, het uitvoeren van andere diensten of als gezelschap.
De eerste bewijzen van honden die met mensen omgingen, dateren van 12.000 jaar geleden in Irak; een begraafplaats werd ontdekt van een mens die een pup vasthield. Deze pup had een kleiner kaakbeen en tandjes dan een wolf, wat aangeeft dat de domestisering van de hond al begonnen was en dat dit niet zomaar een vriendelijke wolfpup was. Experts schatten dat het domestiseringsproces waarschijnlijk 14.000 jaar geleden begon. Uitgravingen gedateerd vanaf 1 na Christus hebben skeletten getoond van een hond die lijkt op de huidige Pekingese, wat ver verwijderd is van wolfvoorouders. Volgens Romeinse schrijvers uit die tijd hadden Romeinse dames schoothonden omdat hun warmte maagpijn zou genezen.
Omdat de eerste bewijzen van honden in Irak gevonden zijn, wordt aangenomen dat honden afstammen van Midden-Oostelijke wolven. Biologen dachten ooit dat honden afstamden van wolven in oost-Azië, maar nieuw genetisch onderzoek van wetenschappers aan de Universiteit van Californië in Los Angeles toont aan dat hedendaagse honden meer genetische markers delen met Midden-Oostelijke wolven. Meer dan 900 honden van 85 rassen werden vergeleken met de genen van wolfpopulaties over de hele wereld en de meeste rassen deelden de meerderheid van genetische markers met de Midden-Oostelijke wolven.
Er zijn twee duidelijke theorieën over hoe honden zich uit wolven ontwikkelden. Een theorie gaat over oude mensen die wolfpups als huisdieren maakten. Door de tijd heen gaven deze getemde wolven geboorte aan meer getemde wolven en begonnen honden zich te ontwikkelen. Veel biologen zeggen echter dat deze theorie het eigenlijke concept van evolutie negeert. Het negeert hoe honden genetisch gescheiden raakten van wolven, wat zou betekenen dat individuen verschillende eigenschappen hadden, zoals kleinere kaken, en alleen die eigenschappen dan verder werden gefokt. Individuen evolueren niet. Populaties wel. Als het domesticeren van wolven ze genetisch liet veranderen, zouden we dit kunnen namaken en dat is ons niet gelukt.
Biologen zoals Raymond Coppinger stellen nu voor dat honden zich ontwikkeld hebben uit wolven die een ander voedselniche aanvingen. Deze wolven realiseerden zich dat mensen een uitstekende voedselbron waren in al het afval dat ze achterlieten op jacht- en woonplaatsen, zoals karkassen en overige restjes. Deze wolven begonnen rond kampplaatsen te hangen en voeden zich alleen met dit afval, wat de noodzaak om te jagen wegnam. Niet alleen evolueerden deze wolven om minder scheu te zijn omdat ze blootgesteld moesten zijn aan mensen, maar ze evolueerden ook om kleinere kaken en tanden te hebben omdat ze deze niet meer nodig hadden voor de jacht. Deze wolven evolueerden tot wat nu als honden bekend is en werden daarna verder gedomesticeerd tot huisdieren.