Huisdieren
De lever van een kat is een groot orgaan dat de meeste chemische waarden in het bloed regelt, toxines uit het bloed filtert, eiwitten voor bloedplasma produceert, enzymen aanmaakt en helpt bij de distributie van vetten door het lichaam.
Leverziektes ontstaan wanneer er te veel lipiden (vetten) in het orgaan accumuleren, wat de leverfunctie vermindert. Een van de meest voorkomende leverziektes is hepatische lipidosis, of vette lever, die voornamelijk bij obesere en oudere katten voorkomt. Oorzaken van leverziektes zijn uiteenlopend en omvatten diabetes, kanker, de ziekte van Cushing, infectieuze peritonitis, katleukemie of het kattenimmunodeficiëntievirus (FIV).
Wanneer de lever van een kat ziek wordt, zijn de symptomen initieel meestal niet direct zichtbaar. Naarmate de ziekte voortschrijdt, neemt de functie af en kunnen symptomen verschijnen zoals:
Als het leverprobleem wordt veroorzaakt door een specifieke ziekte zoals obesitas of diabetes, zullen dierenartsen proberen de onderliggende ziekte te behandelen. Als de achteruitgang van de leverfunctie wordt veroorzaakt door leeftijd of een ander probleem dat niet met medicijnen behandelbaar is, kan een gebalanceerde dieet, sondevoeding en choline-supplementen (die een rol spelen in vetstoffenwisseling) de kat ondersteunen tijdens het ziekteproces. In sommige gevallen kan de lever herstellen.
Als de lever van een kat niet goed functioneert, krijgt de kat waarschijnlijk onvoldoende nutriënten. Het verwerken van verkeerde voedsel kan de lever ook belasten. Beperkte, frequente, chemisch/conserveringsvrije en gemakkelijk verteerbare maaltijden die laag in vet, natrium en ammonium zijn, maar hoog in eiwitten, vitamines en mineralen, worden aanbevolen. Hüttenkäse, eieren en rijst zijn geschikte voedingsmiddelen voor katten met verminderde leverfunctie. Alles wat schelpdieren, vismeel of slachtafval bevat, mag niet gegeven worden. Sonde- of dwangvoeding kan nodig zijn als de kat weigert te eten.